1950 t/m 1955
Er werd al een aantal jaren formule 1 races gehouden, maar in 1950 besloot de FIA er een wereldkampioenschap voor uit te schrijven. Gestart mocht worden in auto's met een motor van 1500 cc turbo of een 4500 cc zonder turbo. In het eerste jaar waren de auto's van Alfa Romeo het sterkste, alhoewel Ferrari later in het seizoen sterk terug kwam. De strijd om de eerste wereldtitel ging dus tussen een aantal Alfa-coureurs, te weten Farina, Fangio en Fagioli. Uiteindelijk trok Farina aan het langste eind, en werd de eerste wereldkampioen formule 1.
Farina in de Alfa-RomeoDe puntentelling in de eerste paar jaar was anders als dat nu het geval is. De eerste 5 finishers kregen respectievelijk 8, 6, 4, 3 en 2 punten, en ook de coureur met de snelste ronde werd beloond met een punt. Voor het kampioenschap telden de 4 beste resultaten (in '54 en '55 de beste 5). In 1950 werden er 7 races gereden die meetelden voor het wereldkampioenchap. uitslag 1950
1. Farina
2. Fangio
3. Fagioli
4. Rosier
5. Ascari
Guiseppe FarinaIn 1951 werd het een strijd tussen Alfa Romeo en Ferrari. De Alfa's hadden een turbomotor, en de Ferrari's reden met een 4500 cc motor. Het bleef spannend tot de laatste race. De Ferrari van Ascari en de Alfa van Fangio gingen gelijk op, maar door pech in de laatste race voor Ascari, lag de titel in het verschiet voor Fangio. En die behaalde hij door een prachtige overwinning. Later zou hij nog 4 wereldtitels behalen, en zijn record van 5 keer wereldkampioen is pas na 2000 geėvenaard.
Fangio in de Alfauitslag 1951
1. Fangio
2. Ascari
3. Gonzales
4. Farina
5. VilloresiIn 1952 haakte Alfa Romeo af, wegens geldgebrek. Doordat er nu veel minder aanmeldingen waren, was de FIA bang dat de formule 1 weinig meer voor zou stellen, en dus werd het reglement aagepast, zodat er voornamelijk formule 2 auto's aan de start verschenen. In de formule 2 was Ferrari al jarenlang het dominerende team, en dus ook in 1952 in de "formule 1". De Italiaan Ascari was de grote coureur in het team, en die behaalde dus ook het wereldkampioenschap. Fangio raakte in het begin van het seizoen zwaar gewond, en was de rest van het jaar uitgeschakeld tot halverwege 1953. Ook in 1953 waren het voornamelijk de Ferrari's die de overwinningen behaalden, en dan dus vooral Ascari, die in 1952 en 1953 maar liefst 9 overwinningen op rij boekte. Aan het einde van het seizoen kwam wel Fangio weer ijzersterk terug, maar hij kwam net te kort om kampioen te worden.
|
uitslag 1952 |
|
uitslag 1953 |
![]() |
|
|
Vanaf 1954 gelden er nieuwe regels voor de motoren, ze mogen maximaal 2500 cc inhoud hebben. Ook Mercedes keert voor het eerst na de oorlog weer terug in de formule 1 met hun "Silberpfeile", maar pas halverwege het seizoen. Fangio gaat voor het Duitse team rijden, maar de eerste races doet hij nog mee in een Maserati. Daarmee komt hij stevig aan de leiding te liggen van het kampioenschap, en meteen de eerste race in de Mercedes gaat het ook goed, want die wint hij. De Duitse auto's hebben geen open wielen, dat was toen nog niet verplicht, maar daardoor is het zicht voor de rijders wel minder goed, en daardoor gaat er een hoop fout bij de Mercedessen. Dus al snel worden de wielkassen weggehaald, en gaat het beter. Nadat Fangio de volgende race ook nog wint, mag hij zich alvast wereldkampioen van 1954 noemen.
de Silberpfeileuitslag 1954
1. Fangio
2. Gonzales
3. Hawthorn
4. Trintignant
5. KlingDe strijd gaat in 1955 tussen Lancia en Mercedes, en in mindere mate Ferrari. Bij Lancia rijdt Ascari, maar halverwege het seizoen verongelukt hij bij een testrit, en het team trekt zich direct terug uit de formule 1. Een paar weken later schiet er een Mercedes uit de baan tijdens de 24 uur van Le Mans. De wagen belandt op de hoofdtribune, en er vallen maar liefst 80 doden. Vervolgens worden er allerlei wedstrijden afgelast, en doordat de Grote Prijs van Nederland wel doorgaat en Fangio wint, is hij niet meer in te halen in het kampioenschap. Aan het einde van het seizoen trekt Mercedes zich terug uit de autosport.
uitslag 1955
1. Fangio
2. Moss
3. Castellotti
4. Trintignant
5. Farina
Juan-Manuel Fangio